door Roeli Koudijzer

In de huidige maatschappij kunnen we alles wat goed is, maar ook alles wat slecht is opsommen met één woord: “IK”. We zijn losgebroken van de instituties die de waarheid in pacht zeiden te hebben, we kunnen invulling geven aan ons leven op een manier die we zelf willen, we hebben de vrijheid om los van welke dwang dan ook een richting te kiezen in werk, relaties en vrije tijd. Tegelijkertijd heeft die vrijheid ook negatieve effecten gehad: we zijn vaker eenzaam, steun uit de omgeving is niet automatisch, en we nemen geen kennis meer van meningen die we niet leuk vinden. Het draait immers om “ik”.

Schiedam is gevuld met duizenden “ikken” en samen vormen ze “wij”. Wij Schiedam. Samen zijn wij Schiedam. Niet de huizen of straten, niet de winkelcentra of molens: wij, de inwoners, zijn Schiedam. Dat bewustzijn, die realisatie, dat wij Schiedam zijn, is de kern. Ons verhaal is een bijzonder verhaal. Samen vormen onze individuele verhalen het grote verhaal van Schiedam. Ons verhaal zou heel anders geweest zijn welk ander land ook en de kansen die wij hebben zouden ook anders zijn.

Het is het mooie van onze tijd, dat wij mogen geloven in ingewikkelde of eenvoudige dromen, en dat we in een maatschappij leven die het ons toestaat die dromen na te jagen. Te werken om onze dromen te realiseren. Dat we onze kinderen veilig in bed kunnen stoppen, zonder te vrezen voor morgen, dat we kunnen denken en schrijven wat we willen, zonder angst voor die klop op de deur. Dat we een bedrijf kunnen starten zonder dat we eerst iemand moeten omkopen. En dat we de politiek in kunnen gaan zonder bang te hoeven zijn dat we in een cel belanden. Te stemmen en te weten dat elk van onze stemmen geteld wordt. Elke stem.  

Elke verkiezingen zijn een meetpunt. Een moment waarop we kunnen stilstaan en bedenken wat onze rechten zijn, onze plichten en onze waarden. Waarin we het verleden en heden afmeten tegen wat we als gemeenschap willen bereiken. We hebben veel te doen: mijn gesprekken met eenieder van u hebben mij dat duidelijk gemaakt. We horen dat het geweldig gaat met de economie, maar het vertaalt zich niet naar onze portemonnee. We roepen onrecht, en we worden niet gehoord. We ervaren leed, en worden beantwoord met desinteresse.

Natuurlijk kan de overheid niet alles oplossen, en geen Schiedammer verwacht dat: we weten als geen ander dat we moeten werken om te bereiken wat we willen. Maar iedereen weet ook dat als we de prioriteiten iets aanscherpen we kunnen zorgen voor hen die het nodig hebben, creativiteit en innovatie kunnen laten opbloeien en kunnen garanderen dat iedere Schiedammer een gelijke kans heeft. En dat is uiteindelijk wat we allemaal willen: dat recht op die gelijke kans.

Ik heb besloten om mij verkiesbaar te stellen omdat ik die keuze willen bieden en er aan wil werken. De idealen van gemeenschap, van het voor elkaar klaar staan, de idealen van die gelijke kans weer overeind helpen. In plaats van verwijten, de dialoog aangaan. In plaats van vingerwijzen een helpende hand. In plaats van wantrouwen vertrouwen.

Wie we ook zijn, en hoe we hier ook gekomen zijn. Wij met zijn allen zijn verbonden door ons Schiedamse verhaal. Als er een jonge vrouw is die huilt omdat ze betast is dan trek ik mij dat aan, ook al is ze niet mijn zus. Als er een oude man is die eenzaam is dan trek ik mij dat aan, ook al is het niet mijn opa. Als een jongen met een vreemde naam of andere huidskleur gediscrimineerd wordt dan bedreigt dat mijn burgerrechten. Het is het fundamentele geloof dat als het er op aankomt ik mijn broeders hoeder ben die er voor zorgt dat Schiedam werkt. Het zorgt er voor dat we allemaal onze eigen dromen kunnen najagen en toch als gemeenschap kunnen samenkomen.

Ik geloof dat als wij als Schiedam samen komen en werken er niets is wat we niet kunnen. Ik geloof dat als Schiedam aan de slag gaat, we een beter leven kunnen geven aan die jongere die maar geen kans krijgt, die oudere die niet gehoord wordt en dat gezin dat zekerheid vraagt voor de toekomst. Ik heb vertrouwen in de kracht die wij als Schiedam samen kunnen oproepen. En ik weet dat we in staat zijn om op 21 maart de juiste keuzes te maken en al deze uitdagingen aan te gaan. Dat we een nieuw hoofdstuk aan ons verhaal toe voegen.

Ik weet dat als je dezelfde noodzaak ziet, dezelfde passie hebt, dat je dan dezelfde verwachting en hoop hebt als ik, en dat je weet welke keuze je moet maken. Ik weet dat als wij als Schiedammers niet langer wachten, wij die belofte aan onszelf waar kunnen maken. We gewacht tot iemand anders het voor ons zou doen.

Het is niet aan een ander, het is aan ons, het is niet op een dag, het is nu.