door Jeffrey de Zwart

Schiedam staat voor een belangrijke keuze. Wil het een slaapstad worden van Rotterdam, of de eigenheid bewaren en met trots de 21e eeuw binnen stappen? Creatieve woonvormen kunnen voor een opbloeien van de stad zorgen.

De ooit zo bruisende binnenstad heeft alle kenmerken van een sukkelende slaapstad. De stad, onze stad, is ingedut. Je zou het niet zeggen, maar Schiedam was ooit de “grote broer” van Rotterdam. Je zou verwachten dat de grootste discussie in de gemeenteraad het kanaliseren van al die toeristenbussen zou zijn, maar niets is minder waar.

Ik hou van Schiedam. Ik moest en zou er wonen, maar dat bleek niet makkelijk. Als Schiedammer met een studentenbudget (zeker geen vetpot) kwam ik er achter dat het ontzettend moeilijk is om een woning te vinden met een wat lager startbudget. Vele jongeren in mijn  directe omgeving moeten keuzes maken en Schiedam is gewoon te duur. Dus trekken ze weg.

Onze stad heeft keuzes gemaakt. Andere keuzes dan de ons omringende steden. Kijk naar Rotterdam. Rotterdam ontwikkelde zich, creëerde studentenflats, en ging creatief met woonvormen om. Rotterdam trok internationale allure aan, en keek naar buiten. En wat deed Schiedam? Schiedam keek naar binnen. Hier doen we: “ongeveer is goed genoeg”.  Het resultaat is bekend: leegstand, verpaupering en architectonische “experimenten” met de uitstraling van Minsk. Schiedam lijkt de regionale afvoerput te worden (immers, waarom is zoiets als de Rotterdam-wet überhaupt nodig?). Is dat wat we willen?

Schiedam is onaantrekkelijk voor de jonge woningzoekende. Teleurgesteld vertrekken jongere Schiedammers en nemen hun kennis, ideeën, maar ook hun portemonnee en toekomst mee. Het gevolg is dat Schiedam verouderd en dat ondernemers zich afwenden. Het effect op werkgelegenheid en inkomsten zal duidelijk zijn.

Dat kan en moet anders. De kernvraag is: modderen we door, of gaan we aan de slag om van Schiedam weer een stad te maken waar we trots op kunnen zijn?

Ik ben niet  enige die dit zegt: ook Schiedammers trekken aan de alarmbel. Tessa Schlechtriem, bijvoorbeeld, stelt dat er enorme kavels zijn waar ‘slimmer’ en effectief gebouwd kan worden, voor een doelgroep die iets kan toevoegen aan de economie en de cultuur in de stad: “Tiny Houses”. Tiny Houses kan de eerste stap zijn: kleinere, van alle gemakken voorziene woningen, kunnen zorgen voor een betaalbaar huur- of koopaanbod waarmee we de student of jonge starter kunnen helpen. Door de opzet van het project kunnen er op lange termijn gezellige woonwijken ontstaan waar de gemeenschap een verbindende factor is. Tiny Houses zorgen er ook voor dat er gebouwd wordt zonder een teloorgang van het ‘groen’. Dit soort projecten zijn, bewezen, niet alleen interessant voor jongeren: ook onder ouderen vinden dit soort woningen gretig aftrek.

Er zijn al diverse experimenten geweest met woonvormen die gericht zijn op gemeenschapszin: het blijkt keer op keer dat jongeren- en seniorenwoningen goed gemengd kunnen worden die beide groepen een waardevolle omgeving geven. Door dit soort initiatieven een kans te geven kan gerealiseerd worden dat jongeren bewust kiezen voor Schiedam. Een influx van ideeën, kennis en geld heeft op zijn beurt weer een effect op ondernemers en de stad: dat kan iedere Schiedammer op zijn vingers natellen.

Waarom zou een kleinschalig, creatief en relatief goedkope woningbouw hier niet kunnen? De vraag is enorm, het aanbod minimaal.

Het is tijd om anders te kijken naar onze stad. De potentie om van Schiedam een levendig middelpunt te maken is aanwezig. Laten wij samen tot innovatieve ideeën komen die de ‘woninghonger’ stillen en gemeenschapszin stimuleren. Schiedam is er klaar voor, niet volgend jaar, maar nu.

De kansen liggen voor het grijpen om ons te onderscheiden. Ik wil geen sukkelende buitenwijk, ik wil een stad met ballen. Ik wil niet achteruit kijken met een “weet je nog?”, ik wil vooruit kijken. Ik wil een stad waar jongeren en jonge gezinnen vechten om te wonen. We moeten jonge doelgroepen de kans geven een leven op te bouwen hier in onze stad. Geef deze jongeren de kans een invulling te geven aan hun toekomst, en onze toekomst. Waar de jeugd woont, daar is de toekomst.

Jeffrey out.