Het SLV wil de organisatie van ‘de Stem van Schiedam’ hartelijk danken voor deze belangrijke serie van debatten. Het geeft de Schiedammer de kans om naast verkiezingsprogramma’s en campagnes kennis te nemen van de zaken die voor elke kiezer van belang zijn. Dat komt niet alleen de Schiedammer ten goede, maar ook de politieke discussie.

Wij geloven dat het een fundament is van een democratische maatschappij dat mensen met verschillende meningen kunnen debatteren en discussiëren op een normale manier. Te vaak, en we zijn er allemaal schuldig aan, veranderen politieke debatten in schreeuwwedstrijden.

Het is makkelijk om met mensen te praten die het met je eens zijn, en als politicus doe je dat vaak genoeg. Het is veel moeilijker om in gesprek te gaan met mensen die het niet met je eens zijn. Maar dat is uiteindelijk veel belangrijker omdat we dan kunnen zien of we bruggen kunnen bouwen tussen verschillende visies. Wij zijn er van overtuigd dat dit kan.

Nu zullen wij en een aantal andere partijen het oneens zijn op een aantal punten. Dat begrijpen we. Dat onze visie af en toe uit elkaar ligt, dat kunnen we respecteren. Maar kunnen we overeenkomen dat 21 maart niet gaat om meningsverschillen tussen partijen, maar om de wil van de Schiedammer? Kunnen we overeenkomen dat wij, als raadsleden, werken voor die gemeenschap die wij Schiedam noemen.  En dat dus elk debat principieel om de problematiek van de Schiedammer moet draaien en niet om partijpolitieke fijnslijperij? Zouden we als partijen kunnen samenwerken op een brede agenda die de Schiedammer vooruit helpt? Een Schiedam realiseren waar we niet denken in problemen en details, maar in mogelijkheden, kansen en durf?

Dat is het punt dat wij consistent blijven maken.

De kern is het volgende: onafhankelijk van achtergrond, overtuiging, leeftijd, rijkdom of etniciteit, zijn we allemaal Schiedammers. We houden van onze stad, en we zien dat we op veel punten nog verbetering nodig hebben. Wij geloven dat dit onze verbinding is.

Er wordt gezegd dat het allemaal wel mee valt, en dat we overdrijven. Als we de armoede in ons midden willen bestrijden: is dat overdrijven? Als we als gemeenschap zeker willen stellen dat onze ouders, vrienden en buren recht hebben op de hulp die wij hen gunnen: is dat overdrijven? Het stelt ons teleur als wij ons punt hierover niet kunnen of mogen maken. Omdat er partijen zijn die het punt minder belangrijker vinden dan het uiten van door hen gevoelde grieven, ondanks hun claims van hoge democratische principes of opkomen voor specifieke groepen.

Partijen die het bespreken van de vaak verzwegen armoede in Schiedam een goed moment vinden om hun politieke gram te halen. Wij vragen ons af wat de kiezers die in de bijstand zitten, in de schulden zitten en hun hoofd boven water houden, daarvan denken. Dat er punten gescoord moeten worden, politiek of anderszins, over de hoofden van mensen die dagelijks met hele reële problemen kampen. Met welk respect zij en hun problemen op dat moment behandeld worden.

Wij hebben onze punten kunnen uitwisselen, hopelijk op basis van respect voor de anderen, maar vooral met respect voor die mensen in Schiedam waar we als gemeenschap, als maatschappij zorg voor moeten dragen. Geld, in elke gemeenschap, moet dienend zijn, niet leidend. Zeker het geld dat een gemeente uitgeeft om hen die het slecht hebben te helpen. Iedere Schiedammer heeft recht op compassie als het een keer tegen zit. Tegelijk moet ook het geld dat je te besteden hebt niet de maatstaf zijn voor de hoeveelheid respect die je mag verwachten, niet de maatstaf voor je nut binnen de gemeenschap, en zeker niet de maatstaf voor de hoeveelheid beleefdheid die je door partijen wordt toebedeeld.

Wij geloven dat als gevolg van een normale discussie wij allemaal kunnen leren dat als we een morele en rechtvaardige gemeenschap willen zijn, we de moed moeten hebben om de minima te ondersteunen, de hulpbehoevenden te helpen, en de moed moeten hebben om op te staan tegen onrechtvaardigheid of gebrek aan medemenselijkheid.