door Serkan Kiliçkaya

Als een (van oorsprong Turkse) kennis wordt voorgesteld aan iemand doet hij dit soms met een Oer-Hollandse naam: “Pieter-Jan de Vries” of zo. De reacties vindt hij grappig: er zijn mensen die het accepteren, of die hem nog eens goed aankijken met een verwarde blik. Een vriend van hem doet weer hard mee als hij er bij is: hij stelt zich dan voor met een Oer-Turkse naam, alleen is hij een echte Hollander, het maakt de verwarring nog groter.

Het is een leuke grap, maar is ook een symptoom van iets anders: een verhaal dat ik te vaak tegenkom. Een jonge, goedopgeleide Nederlander van bijvoorbeeld Turkse of Marokkaanse afkomst die maar geen baan of stageplek kan vinden. Afgewezen vanwege.. ja wat? De naam? Het is een feit dat autochtone Nederlanders zich vaak niet kunnen voorstellen. Dat wij die een niet-Hollandse naam dragen weten dat sollicitaties nog wel eens moeilijk kunnen zijn. De overheid neemt maatregel na maatregel aan om het tegen te gaan, en we weten ondertussen allemaal dat het niet mag. Toch gebeurt het. Veel mensen om mij heen hoor ik dan zeggen “leuk die maatregelen, maar wat heb ik er aan?” Die horen weer een paar politici, er wordt een festival georganiseerd en het gaat weer gewoon verder.

In sommige bedrijven lijkt het acceptabel, waardoor medewerkers het idee hebben “ik kom er toch wel mee weg”. Daarnaast, als sollicitant sta je redelijk machteloos zonder echt bewijs in handen. Dat er mensen zijn die “discriminatie” roepen bij elke gebeurtenis helpt ook niet. Een avondje praten met bekenden levert al genoeg stof op voor een boek. Van mensen die afgewezen zijn om onduidelijke redenen tot zelfs mensen die de toegang tot de werkplek werd ontzegd. Het resultaat is dat de geweldige potentie die ik om mij heen zie, niet gebruikt wordt. Goede mensen raken gefrustreerd en negatief over de vooruitzichten voor zichzelf en hun familie. Dit vertaalt weer in een scepsis over en vijandigheid naar de samenleving en de eigen rol daarin. Vooral dit vind ik een gevaarlijke ontwikkeling.

Natuurlijk kun je klagen over het grote onrecht dat je is aangedaan, maar door vijandig te zijn verstevig je het alleen maar. Zoals mijn vader mij leerde: “respect eis je niet op, maar wordt gegeven”. Niemand heeft de wereld ooit veranderd door te klagen. Maar wat dan? Ik hoor het je vragen. 

Ik heb mij mijn leven lang ingezet voor een creatieve, ondernemende en vooral trotse gemeenschap. Een gemeenschap die ondanks tegenslagen steeds maar wist boven te komen: omdat we er voor elkaar zijn en omdat we elkaar helpen. Omdat we samen problemen signaleren en samen oplossen: daarin ligt een grote kracht. En daarin ligt ook de sleutel.

Het SLV stelt dat arbeidsdiscriminatie niet iets is wat een gemeente of de gemeenschap alleen kan oplossen. Daar hebben we samenwerking, organisatie en middelen voor nodig. Ik bedoel, het is goed dat je het meldt, maar wordt er ook wat mee gedaan?

Wij zijn voorstander van een aantal maatregelen:

Zo willen wij een zichtbare versterking van de gemeente op het gebied van diversiteit. De gemeente moet de diversiteit van Schiedam reflecteren. Schiedam is een stad gevuld met verschillende afkomsten: daar moeten we trots op zijn en dat moeten we laten zien. Geen excuus-allochtonen of symbool-politiek, maar goede, vakkundige medewerkers ook op goede posities bij de gemeente.

Daarnaast moet het gemeentelijk meldpunt voor discriminatie verstevigd worden. Het SLV wil een “zero tolerance”-beleid voor (arbeids-)discriminatie in Schiedam: iedereen moet een gelijke kans krijgen. Tegelijkertijd weten we dat de drempel om naar dit soort loketten te gaan hoog kan zijn, dus willen wij ook een nauwe samenwerking met de gemeenschap: aan tafel te zitten met verenigingen zoals bijvoorbeeld de Alevitische vereniging, de moskee en vertegenwoordigingen van andere bevolkingsgroepen. Daar horen we de verhalen, daar moet uitgelegd worden wat we zelf en wat samen kunnen doen. Als we daar als gemeenschap gezamenlijk optrekken kunnen we veel meer dan alleen.

Als laatste willen we dat de gemeente actief staat voor, naast en achter haar inwoners. Laat overal bekend worden in de regio en daarbuiten: als je een Schiedammer discrimineert kun je Schiedam voor je vinden. Als je als Schiedammer discriminatie in Rotterdam ondervind, mag er van mij een stevige brief van de Schiedamse gemeente naar de Rotterdamse gemeente. Laat ze weten dat wij voor onze eigen mensen staan, en dat wij samen staan als één gemeenschap.

Alle grote maatschappelijke veranderingen zijn ooit begonnen door mensen die geloofden dat het anders kon, die aan de slag gingen om te veranderen. Niet door haat zaaien of door zuur te gaan klagen in het koffiehuis, maar door op te staan en te zeggen: genoeg. Door de armen in elkaar te slaan en door aan te pakken. Ik daag je uit.